General tagged with 'Ruhrgebied'  

 
De blauw-rode long van Düsseldorf, ontmoetingsruimte bij uitstek
25 augustus 2013

 

Onlangs was ik weer even in Düsseldorf. Opnieuw was ik onder de indruk van de belangrijke rol die de boulevard langs de Rijn in het openbare leven speelt. Volledig autovrij, bestaande uit een boven en een onderpromenade, een fiks aantal terrasjes en heel veel ruimte voor slenteraars, renners en skaters. Kortom het zindert van leven langs het Düsseldorfse waterfront en dat over een lengte van meer dan twee kilometer. Stiekem vergelijk ik dan de situatie ook met een aantal steden in Oost Nederland, waar ik bijna dagelijks kom en waar ik de gerichtheid op het water soms wel heel erg mis.

Het huidige waterfront is Düsseldorf is een situatie waar menige rivierstad van droomt maar waarvan ook menig stadsbestuur weet dat zulks alleen kan worden gerealiseerd door grootschalige infrastructurele en stedenbouwkundige ingrepen te plegen. Maar daarvoor ontbreekt het vaak aan visie en/of politieke moed en sinds de recente crisis ook nog aan geld. Vergelijk in deze Arnhem, gelegen aan de Rijn, waar vele plannen zijn gemaakt om de binnenstad weer terug te brengen naar de rivier, maar waar ideevorming steeds opnieuw door de werkelijkheid werd ingehaald.

 

Waterfront noordelijke binnenstad, bovenpromenade

Met de opkomst van het gemotoriseerde verkeer werden rivierkades wegen en werd het waterfront steeds minder een verblijfsplek. Inmiddels zijn de meeste binnensteden grotendeels autoluw gemaakt en speelt de verkeersader langs het water vaak een essentiële rol in de aan en afvoer van verkeer naar (een deel van) de binnenstad. Dit is o.a. de situatie in Deventer en Zutphen, beiden prachtig gelegen aan de IJssel, maar waar het waterfront feitelijk geen ontmoetingsplek van betekenis is doordat het water nog steeds door een rijweg van de binnenstad is afgesneden. De situatie in Nijmegen daarentegen is verwachtingsvol. Daar heeft de horeca al een plek veroverd langs het water en zijn de parkeerplekken langs de Waalkade sinds een klein jaar opgeheven. Het ziet er naar uit dat het ambitieuze programma rondom de Waalsprong de binnenstad nog veel meer dan voorheen naar het waterfront gaat trekken en de kade onderdeel gaan worden van een levendig binnenstedelijk verblijfsklimaat.

Terug naar de situatie in Düsseldorf. In de jaren 90 heeft het gemeentebestuur aldaar besloten tot het aanleggen van de Rheinuffertunnel. Het gemotoriseerde verkeer langs de Rijnkade werd volledig ondertunneld. Een fikse stedenbouwkundige ingreep, maar het gaf deze door de tweede wereldoorlog gemankeerde binnenstad ongelofelijk veel nieuw elan en bovenal een relaxed en bruisend stadshart langs het water, simpelweg doordat de kades en de daarop aansluitende pleinen aan voetgangers en de verpozende mens werd teruggegeven.

 

Rivierfront, zuidelijke binnenstad in de namiddag

Een succesvolle openbare ruimte wordt gekenmerkt door multifunctionaliteit, toegankelijkheid, identiteit en veiligheid. Al deze punten zijn op de boulevard van Düsseldorf geborgd. Door de lengte van de boulevard zijn verschillende verblijfsruimten ontstaan die om de paar honderd meter geleidelijk van kleur verschieten. Als rode verbindende draad door als deze gebieden loopt een aaneengesloten en volledig door platanen omzoomd wandelpad. Daarom heen is ruimte voor sporten (skaten, running), terrassen (stedelijk vertier, zakelijke ontmoetingen, toerisme) en hang- en picknick zones. Daarnaast biedt de combinatie van boulevard en aanpalende pleinen ruimte voor grootschalige events.

In de noordelijke binnenstad van Düsseldorf is de boulevard de verblijfsplek van de stadsbohemien. Een aantal 24-uurs winkeltjes en mobiele drankstandjes in de directe nabijheid bieden toegang tot gekoelde en betaalbare drankjes. Tussen de verpozende groepjes mensen scharrelen inzamelaars rond, die discreet afwachten tot de laatste slok is genuttigd en stilzwijgend of hooguit met een klein knikje een leeg blikje of flesje in ontvangst nemen. Dit systeem werkt fantastisch. Het is een kwestie van gunnen en gegund worden.

 

Handelshafen in de vroege ochtend 

Iets meer zuidwaarts, ten hoogte van de oude binnenstad is het domein van de gemiddelden. Hier zit op de benedenboulevard de doorgewinterde terrasganger zij aan zij met de toerist en het winkelend publiek dat eveneens graag een drankje wil nuttigen aan het water. Het is het terrasvertier dat je in vele badplaatsen indringend ervaart: overvolle terrassen, een kakofonie van stemmen en geluiden, menukaarten met foto’s, veel bier en wijn en uiteraard uitzicht op het water. Op de bovenboulevard valt de stilte en het groen des te meer op Hier wordt gerend, geslenterd en worden potjes jeu de boules onder de platanen gespeeld. Voor elk wel wat wils.

In de zuidelijke binnenstad is de boulevard ter hoogte van de Rheinkniebrücke een interessant maar rommelig overgangsgebied. Onder de overspanning van de brug is een verblijfsgebied ontstaan dat een associatie oproept met Berlijn Alexanderplatz, enerzijds door de bouwperiode van de omringende gebouwen en de hoogte van de brug,  maar wellicht ook wel door de Rheinturm (televisietoren) welke een eindje verderop staat. Hier eindigde een aantal jaren geleden de promenade en de naoorlogse binnenstad. Maar het pad omzoomd door platanen is inmiddels om de bebouwing heen doorgetrokken. De voetganger wordt uitgenodigd zijn weg te vervolgen. Feitelijk splitst de boulevard zich op dit punt in twee armen op.

 

Promenade ter hoogte van de Rheinkniebrücke

De meest westelijke arm blijft de Rijnoever volgen, alwaar de boulevard na een paar honderd meter eindigt op een landtong. De zuidwestelijke arm brengt de wandelaar via de platanenroute naar de ‘Docklands’ van Düsseldorf, naar de voormalige Handelshafen. Hier zijn tussen de opgeknapte pakhuizen, nieuwe kantoorpanden met een stevige design-knipoog verschenen. Ook hier vele terrasjes om te verpozen en voor in de avond hippe uitgaansgelegenheden. Overdag is dit gebied vooral de habitat van het twee-delig pak en jonge mensen met geld en/of hang naar een beetje bling bling. Hier is het zien en gezien worden dat de boventoon voert.

Eén boulevard, vele verschillende gebruikers en door de omvang en het volledig autovrij zijn van het gebied een geweldige plek om te verblijven en te ontspannen. Er wordt vaak gesproken over de groene longen van de stad, dit is ook zo’n long, maar dan blauw-rood van kleur. Op een plek als deze kun je je gemakkelijk voorstellen, hoe fijn het zou zijn te leven in een volledig auto vrije maar grootstedelijke stad.

Deze blog is op 2 september ook geplaatst op de site van de GSRO




Er zijn nog geen reacties
In het Ruhrgebied weten ze al 30 jaar wat krimp is.
8 december 2012

 

Vrijdag 7 december waren we op uitnodiging van het EUKN (European Urban Knowledge Network) te gast in het Duitse Essen en het thema is omgaan met krimp in stedelijke gebieden. Met dat thema zijn we in Essen op de goede plaats, ze zijn daar al jaren ervaringsdeskundige. Met het sluiten van de koolmijnen in de jaren 80 van de vorige eeuw kwam in het Ruhrgebied een vulkaan tot uitbarsting die in een periode van een paar jaar het gehele sociale en economische leven op de kop zette en waarvan nu nog steeds de gevolgen zichtbaar en voelbaar zijn. De stad is sindsdien met 100.000 bewoners gekrompen en dat zijn alleen nog maar cijfers voor Essen, in de omliggende mijnsteden hebben zich vergelijkbare drama’s voltrokken.

 

 

Werk, inkomen, huisvesting en verenigingsleven, het werd allemaal geleverd door de mijnen. Maar al deze zekerheden verdwenen ook met de sluiting van de mijnen. Deze ramp heeft zich ook in Nederland voltrokken, in Zuid Limburg, maar het lijkt wel alsof dat uit het collectieve geheugen van Nederland is verdwenen. We doen in Nederland alsof krimp ons nu pas voor het eerst overkomt.

Terwijl de natte sneeuw valt bezoeken we het stadsdeel Essen-Katernberg, waar de Zeche Zollverein ooit haar activiteiten ontplooide. De Zeche Zollverein mag dan wel tot Unesco Werelderfgoed zijn uitgeroepen en met haar rauwe uitstraling toeristen naar zich toelokken, in het stadsdeel zelf is de ontreddering dat door datzelfde Zeche Zollverein is toegebracht nog sterk voelbaar. Bewoners en bezoekersstromen hebben hun eigen ritme en leefwereld, passeren elkaar maar ontmoeten elkaar niet.

Het lijkt wel alsof de tijd in Katernberg stil is gaan staan in de jaren 80. We worden rondgeleid door Frau Meyer van het Büro Stadsentwicklung Essen. In Katernberg zijn al 30 jaar geen nieuwe huizen gebouwd, op een klein woonblokje na dat recent is opgeleverd. Dat is een hele bijzondere gewaarwording. In een stad is toch altijd dynamiek? Absolute stilstand is dus ook mogelijk.

 

 

De overheidsprojecten in Katernberg, bedoeld om het sociaal en economisch leven nieuw elan in te blazen hebben iets oubolligs. Ze ademen de sfeer uit van de werk en leefcultuur van een aantal decennia geleden. Design en high tech lijken afwezig. Social media en de flexplekken cultuur zijn er nog niet echt doorgedrongen vertelt Frau Meyer. De plaatselijke ondernemers hebben bovenal behoefte aan fysieke ruimte en de bewoners worden graag voorgelicht via papieren communicatie. Dat betwijfel ik. Hoe zit het dan met de wensen van de jonge generatie bewoners? Wordt daar niet op ingespeeld? Blijkbaar nog niet. Het lijkt een gemiste kans.

Hoe anders is de uitstraling en programmering op de website van de Zeche Zollverein. Zeer eigentijds en verleidelijk voor liefhebbers van kunst en cultuur.  Twee werelden verenigd in één stadsdeel.

Dat de gemeente Essen niet heeft stilgestaan de afgelopen dertig jaar is duidelijk. Er is heel veel werk verzet. Het negatieve imago van de regio is doorbroken. Het Ruhrgebied is in 2010 als culturele hoofdstad van Europa op de kaart gezet en de Zeche Zollverein is tot werelderfgoed verklaart, geen sinecure. Waar vroeger de mijnen voor de bewoners zorgden, is nu die taak al bijna 30 jaar door de overheid overgenomen.

De eerste twee zijn zeer strategische zetten die getuigen van slim handelen. Op het derde punt is koersverandering nodig. De sleutel lijkt te liggen bij de jongere generatie. Daar liggen immers de dwarsverbindingen naar zowel de eigentijdse programmering van de Zeche Zollverrein als de kansen die het nieuwe werken van heden ten dage heeft te bieden.

 

 

Dat die dwarsverbindingen gaan komen is ook broodnodig. Niet alleen om weer synergie  in het gebied te realiseren, maar ook omdat de pot met geld, lees subsidie, is opgedroogd. Plaatselijke, regionale en landelijke overheden hebben bijna geen geld meer om dergelijke projecten te financieren en het zijn vooral subsidiegelden geweest waardoor Essen haar getroffen bewoners heeft kunnen helpen, maar ook de stad als geheel weer op de kaart heeft kunnen zetten. Alleen bij Europa, daar is nog geld. Maar hoe te komen aan dat geld als je als plaatselijke of regionale overheid de co-financiering niet kan opbrengen om een projectaanvraag in te dienen, een situatie die niet alleen in Essen opgeld doet, maar voor vele andere steden en regio’s in Europa bittere werkelijkheid begint te worden.

Wellicht dat Europa op den duur haar regels aanpast, maar daar zou ik niet op wachten. Veel beter is het de eigen energie en daarmee de zelfredzaamheid te mobiliseren en eventuele weerstand om te buigen naar werkbare coalities. Uiteraard vergt dat een hele andere attitude, zowel bij burgers, ambtenaren als bestuurders, maar het is geen onmogelijke slag.




Er zijn nog geen reacties