Stedelijke ontwikkeling tagged with 'Wijkbewoners'  

 
Ongelijke kansen voor deelnemers aan Kroonappels in ronde twee te geraken
17 maart 2013

 

Nederland is dit weekend in de ban van vrijwilligerswerk en sociale initiatieven. Zowel de actie NLdoet als de actie Kroonappels hebben deze dagen hun beslag. Het zijn beide initiatieven van het Oranjefonds, het zal dan ook wel geen toeval zijn dat ze daarom gelijk op lopen, zo versterken ze elkaar.

De actie NLdoet kennen we al een aantal jaren maar Kroonappels is nieuw. Ter gelegenheid van de troonswisseling is het Oranjefonds op zoek naar de mooiste sociale initiatieven in het Koninkrijk. Verenigingen en Stichtingen zij massaal opgeroepen mee te dingen. Er zijn drie categorieën: Jeugd, Buurt en Helpende Hand. Dit weekend mag Nederland stemmen, per huishouden kan voor elk van de drie categorieën 1 stem worden uitgebracht binnen de eigen gemeente. De winnaars van elke gemeente mogen vervolgens in de daaropvolgende ronde binnen de eigen regio (provincie of provinciedeel) op elkaar gaan stemmen zodat er uiteindelijk per regio voor elke categorie een winnaar uit te bus komt. En die mogen ook weer op elkaar stemmen zodat er uiteindelijk per categorie 1 winnaar overblijft. Prijzengeld: een Appeltje van Oranje en 50.000 euro.

 

Rotterdam, Nieuwe Binnenweg, Jules Deelder

Het Oranjefonds laat op haar site weten dat ze duizendenden inzendingen hebben ontvangen. Dat geloof ik onmiddellijk. Nederland telt 408 gemeenten. Als die allemaal al op elke categorie 1 initiatief zouden indienen zou dat al goed zijn voor zo’n 1200 inzendingen. Ik klik lukraak een paar gemeenten aan van verschillende grootte en zie aantallen variërende van een paar, tot enkele tientallen tot ruim 100 ingediende initiatieven per gemeente voorbij komen. Prachtig toch dat alle inzendingen zo zichtbaar zijn? ‘Free publicity’ voor de deelnemers en meer transparantie in de aard en aantallen van de inzendingen kun je je als publieksjury niet wensen. Maar ondertussen zit ik wel snel te rekenen en te vergelijken.

Per gemeente voor elke categorie een winnaar uitroepen die vervolgens doorgaat naar ronde twee? Dat voelt niet eerlijk. Dan hebben initiatieven in grote gemeenten toch veel minder kans om uberhaupt op de shortlist te komen? Afdalende in de spelreglementen blijkt wel dat er een paar correcties zijn aangebracht, met name voor de drie grootste steden. In Amsterdam,  Rotterdam  en Den Haag gaan per categorie respectievelijk 12, 10 en 8 initiatieven door naar de tweede ronde. Waarom geen speciale behandeling voor Utrecht, vraag ik mij dan af. Dat is toch de vierde stad van Nederland en zit qua inwoneraantal zeer ruim boven Eindhoven en Tilburg, respectievelijk de 5e en 6e stad van Nederland.

 

Actiebanner NLdoet

Utrecht is in deze voorkeursbehandeling wel een beetje de gebeten hond, Den Haag, de derde stad van Nederland kent met 504.000 inwoners 88 ingediende initiatieven en Utrecht, met 320.000 duizend inwoners zelfs 100 initiatieven. Op grond van het spelreglement gaan er vanuit Den Haag dus 8 initiatieven door en vanuit Utrecht maar 1. Dit voelt onrechtvaardig.

Vooraf viel natuurlijk niet te voorzien welke aantallen zouden worden ingediend, maar enkel en alleen een correctie voor de drie grootste steden? En de vierde en daaropvolgende grote steden gelijkscharen met de kleinste gemeenten van Nederland, waar maar een paar duizend inwoners wonen en per categorie soms maar 1 initiatief is ingediend? Daar zou ik niet voor hebben gekozen als ik deze wedstrijd had mogen uitschrijven. Ik zou niet alleen voor de allergrootste drie steden hebben gecorrigeerd, maar ook voor grote steden en de groep middelgrote steden.

Zullen een aantal deelnemers deze ongelijkheid ervaren? Ik denk het wel. Natuurlijk is deze zoektocht naar kroonappels een zeer sympathiek initiatief en meedoen is zondermeer leuk en de moeite waard, het levert immers extra exposure op, maar aangezien er ook een wedstrijdelement is ingebracht, met een aangename prijzenpot van 50.00 euro, wil iedereen wel gelijke kansen hebben in ronde twee te geraken en uiteindelijk te kunnen winnen.

 

 

 




Er zijn nog geen reacties
In het Ruhrgebied weten ze al 30 jaar wat krimp is.
8 december 2012

 

Vrijdag 7 december waren we op uitnodiging van het EUKN (European Urban Knowledge Network) te gast in het Duitse Essen en het thema is omgaan met krimp in stedelijke gebieden. Met dat thema zijn we in Essen op de goede plaats, ze zijn daar al jaren ervaringsdeskundige. Met het sluiten van de koolmijnen in de jaren 80 van de vorige eeuw kwam in het Ruhrgebied een vulkaan tot uitbarsting die in een periode van een paar jaar het gehele sociale en economische leven op de kop zette en waarvan nu nog steeds de gevolgen zichtbaar en voelbaar zijn. De stad is sindsdien met 100.000 bewoners gekrompen en dat zijn alleen nog maar cijfers voor Essen, in de omliggende mijnsteden hebben zich vergelijkbare drama’s voltrokken.

 

 

Werk, inkomen, huisvesting en verenigingsleven, het werd allemaal geleverd door de mijnen. Maar al deze zekerheden verdwenen ook met de sluiting van de mijnen. Deze ramp heeft zich ook in Nederland voltrokken, in Zuid Limburg, maar het lijkt wel alsof dat uit het collectieve geheugen van Nederland is verdwenen. We doen in Nederland alsof krimp ons nu pas voor het eerst overkomt.

Terwijl de natte sneeuw valt bezoeken we het stadsdeel Essen-Katernberg, waar de Zeche Zollverein ooit haar activiteiten ontplooide. De Zeche Zollverein mag dan wel tot Unesco Werelderfgoed zijn uitgeroepen en met haar rauwe uitstraling toeristen naar zich toelokken, in het stadsdeel zelf is de ontreddering dat door datzelfde Zeche Zollverein is toegebracht nog sterk voelbaar. Bewoners en bezoekersstromen hebben hun eigen ritme en leefwereld, passeren elkaar maar ontmoeten elkaar niet.

Het lijkt wel alsof de tijd in Katernberg stil is gaan staan in de jaren 80. We worden rondgeleid door Frau Meyer van het Büro Stadsentwicklung Essen. In Katernberg zijn al 30 jaar geen nieuwe huizen gebouwd, op een klein woonblokje na dat recent is opgeleverd. Dat is een hele bijzondere gewaarwording. In een stad is toch altijd dynamiek? Absolute stilstand is dus ook mogelijk.

 

 

De overheidsprojecten in Katernberg, bedoeld om het sociaal en economisch leven nieuw elan in te blazen hebben iets oubolligs. Ze ademen de sfeer uit van de werk en leefcultuur van een aantal decennia geleden. Design en high tech lijken afwezig. Social media en de flexplekken cultuur zijn er nog niet echt doorgedrongen vertelt Frau Meyer. De plaatselijke ondernemers hebben bovenal behoefte aan fysieke ruimte en de bewoners worden graag voorgelicht via papieren communicatie. Dat betwijfel ik. Hoe zit het dan met de wensen van de jonge generatie bewoners? Wordt daar niet op ingespeeld? Blijkbaar nog niet. Het lijkt een gemiste kans.

Hoe anders is de uitstraling en programmering op de website van de Zeche Zollverein. Zeer eigentijds en verleidelijk voor liefhebbers van kunst en cultuur.  Twee werelden verenigd in één stadsdeel.

Dat de gemeente Essen niet heeft stilgestaan de afgelopen dertig jaar is duidelijk. Er is heel veel werk verzet. Het negatieve imago van de regio is doorbroken. Het Ruhrgebied is in 2010 als culturele hoofdstad van Europa op de kaart gezet en de Zeche Zollverein is tot werelderfgoed verklaart, geen sinecure. Waar vroeger de mijnen voor de bewoners zorgden, is nu die taak al bijna 30 jaar door de overheid overgenomen.

De eerste twee zijn zeer strategische zetten die getuigen van slim handelen. Op het derde punt is koersverandering nodig. De sleutel lijkt te liggen bij de jongere generatie. Daar liggen immers de dwarsverbindingen naar zowel de eigentijdse programmering van de Zeche Zollverrein als de kansen die het nieuwe werken van heden ten dage heeft te bieden.

 

 

Dat die dwarsverbindingen gaan komen is ook broodnodig. Niet alleen om weer synergie  in het gebied te realiseren, maar ook omdat de pot met geld, lees subsidie, is opgedroogd. Plaatselijke, regionale en landelijke overheden hebben bijna geen geld meer om dergelijke projecten te financieren en het zijn vooral subsidiegelden geweest waardoor Essen haar getroffen bewoners heeft kunnen helpen, maar ook de stad als geheel weer op de kaart heeft kunnen zetten. Alleen bij Europa, daar is nog geld. Maar hoe te komen aan dat geld als je als plaatselijke of regionale overheid de co-financiering niet kan opbrengen om een projectaanvraag in te dienen, een situatie die niet alleen in Essen opgeld doet, maar voor vele andere steden en regio’s in Europa bittere werkelijkheid begint te worden.

Wellicht dat Europa op den duur haar regels aanpast, maar daar zou ik niet op wachten. Veel beter is het de eigen energie en daarmee de zelfredzaamheid te mobiliseren en eventuele weerstand om te buigen naar werkbare coalities. Uiteraard vergt dat een hele andere attitude, zowel bij burgers, ambtenaren als bestuurders, maar het is geen onmogelijke slag.




Er zijn nog geen reacties
TRACK geeft duidelijk beeld van het stedelijk karakter van Gent
26 augustus 2012

 

De expositie TRACK, welke in zes verschillende deelgebieden van Gent is gerealiseerd geeft een duidelijk beeld van het stedelijk karakter van Gent. De expositie is daarmee niet alleen aantrekkelijk voor de kunstminnende mens maar biedt ook de moderne stadsexplorer een fantastisch handvat om gedurende korte tijd deelgenoot te zijn van het dagelijkse leven in Gent.

 

De kustwerken, gerealiseerd door 41 internationale kunstenaars gaan een directe interactie aan met de omgeving waarin het werk is geëxposeerd en benaderen hedendaagse thema’s en de stad zelf in al haar complexiteit. Tevens zet ze de bezoeker er toe aan te reflecteren over stedelijke realiteit. En dat laatste is goed gelukt. Mede ook omdat wijkbewoners zelf bij een groot aantal werken zijn ingezet als suppoost/gids. TRACK is daardoor niet opgelegd aan de wijk, maar tevens deel van de wijk zelf.

 

De zes routes vormen stuk voor stuk een afgebakend gebied. Elk gebied met een eigen stedelijke ziel. Samen met een vakgenoot heb ik grote delen van de zes routes afgelegd. En de beelden die zijn blijven hangen zijn niet alleen die van de kunstwerken, maar bovenal de stedelijke context waarin we werden ontvangen. In het bijzonder het cluster Tondelier, de voormalige gasmetersite ten noorden van het centrum, alwaar de gemeente grootse plannen heeft aankondigd voor nieuw prachtig toekomstig wonen en waar ondertussen wijkbewoners op kleine schaal stadslandbouw plegen, tussen het metershoge opgeschoten onkruid op het voormalige emplacement.

 

 

 

Ook heel bijzonder is de wijk Macharius, ten oosten van de stad, welke afgesloten door de ringweg en het water, geheel los lijkt te staan van Gent zelf en waar een oude vervallen abdij, gesticht in de zevende eeuw, de plek markeert, waar Gent is ontstaan. De abdij wordt geflankeerd door het voormalige slachthuisterrein. In het poortgebouw van het voormalige slachthuis willen de wijkbewoners van Macharius, een herberg annex buurthuis realiseren. TRACK is daarvoor een perfecte aanleiding geweest; gedurende de looptijd van de expositie hebben de bewoners vergunning van de gemeente de ruimte te exploiteren. Het lijkt een succes te worden. Onder de vrijwilligers van de herberg leven nu al plannen de herbergfunctie te continueren na afloop van TRACK.

 

 

De gemeente en het gewest Vlaanderen hebben stevig in TRACK geïnvesteerd. TRACK dient Gent nog beter te verankeren in de hoofden van bezoekers en wederbezoek te genereren. Er is ingezet op 250.000 bezoekers. Of die doelstelling wordt gehaald is nog maar de vraag. Door het slechte weer in het voorjaar zijn tot nu toe veel minder bezoekers op het evenement afgekomen dan verwacht. Halverwege de maand augustus stond de teller nog maar op 150.000 bezoekers. En dat is heel jammer. Het maakt de kans op herhaling van een gelijksoortig evenement in de nabije toekomst kleiner. Het zijn juist evenementen als TRACK die een stad blijvend extra identiteit geven.

 

TRACK is nog te bezoeken tot en met 16 september 2012.

 




Er zijn nog geen reacties