Innovatie tagged with 'Binnenstad'  

 
Zutphen is verrukkelijk slecht bereikbaar
13 februari 2015

De gemeente Zutphen heeft een conceptvisie 2025 opgesteld en nodigde gisteravond de gemeenschap uit mee te denken. Het was een volle bak, we zaten in het Stedelijk Daltoncollege, een toepasselijke plek, via glazen kijkgaten in de vloer keken we naar het verleden van Zutphen en op de begane grond hadden we het over de toekomst. Wat doe je met een stad die volgens velen het best gewaarde geheim van Nederland is en volgens gastpresentator van de avond, Harm Edens verrukkelijk slecht bereikbaar is. Drie gastsprekers zorgden voor input voor de disscussie.

Volgens Gerard Marlet, bij de meesten wel bekend als de man van de Atlas zijn we een stad. Oef, dat was een geruststelling. Hoe vaak wordt Zutphen niet door buitenstaanders als een groot dorp getypeerd. Maar Marlet kwam met bewijslast op de proppen. Qua grondoppervlak van de historische binnenstad staan we in vergelijking met de overige steden in Nederland hoog in de index, op de 16e plek. En we schijnen een behoorlijk ommeland te verzorgen, volgens Marlet kunnen daar maar 57 steden in Nederland prat op gaan. Kortom, stedelijkheid, menselijke maat en natuurlijke omgeving. Gouden troeven bij elkaar. Met een ding was ik het niet zo met hem eens. Hij zei dat het met de werkgelegenheid wel goed zat. Dat mensen hier op acceptabele reisafstand gemakkelijk banen kunnen vinden. Dat betwijfel ik.

 

 

De menselijke maat kun je niet zo gemakkelijk in statistieken vastleggen. Die voel je gewoonweg en je moet hier zijn om het te ervaren. Zutphen heeft een ander ritme. Feitelijk kun je zeggen dat Zutphen zich niet door alle aspecten van de vooruitgang van de afgelopen decennia heeft laten misleiden. Terwijl de rest van Nederland zich de afgelopen 5 jaar massaal heeft gestort op biologisch eten, moestuintjes bijhouden, tweedehands goederen uitwisselen, handwerken en zelf kleren maken, was Zutphen dat al jaren aan het doen. Zutphen heeft daarin een kennisvoorsprong bij andere steden. Een grote kans om zich mee te profileren. Zutphen is geaard.

De tweede spreker van de avond Prof. Wim de Ridder, verbonden aan de TU Twente en futuroloog, maakte zich zorgen over het feit dat de detaillisten in de Zutphense binnenstad zich nog amper bewust zijn van de digitale ontwikkelingen die de komende jaren op de gemeenschap als totaal gaan afkomen en die met name de wijze waarop wij goederen vergaren drastisch zullen gaan veranderen. Daar geef ik hem gelijk in, maar die zorg geldt niet alleen voor de detailhandel in Zutphen, maar ook voor detaillisten in vele andere steden. We zullen steeds minder winkelvloeroppervlakte nodig hebben. Het detailhandelshart in binnensteden zal kleiner worden. En ik vraag me af hoeveel lef Zutphen zal hebben de komende jaren: wordt het het huidige winkelareaal gehandhaafd en blijft de stad zoeken naar tijdelijke oplossingen voor de leegstand of gaan we hier misschien wel aanloopstraten als regelvrije zones aanwijzen en terug naar een klein compact winkelhart?

 

 

De Ridder hamerde ook op het belang van ambachten en dat hierin voor Zutphen een troef kan liggen. Ambachten werden door een aantal aanwezigen afgedaan als saai en ouderwets terwijl anderen daarin juist kansen zagen voor Zutphen. We hebben er vaak zo’n associatie bij van mannen in blauwe kielen die klompen maken of riet binden. Maar ambachtelijk werken kan ook in combinatie met moderne technieken. Denk maar aan de 3D printer. Wat ik zelf niet begrijp is dat terwijl Zutphen een stad is van de Vrije School, waar juist ambachtelijk werken hoog in het vaandel staat, het onderwijs niet wordt gecombineerd met moderne fablab technieken. We willen toch meer jongeren richting de techniek? Een Fablab is fantastisch, ik heb er basisschoolleerlingen en middelbare scholieren in zien werken. Stuk voor stuk enthousiast, elkaar verdringend bij de apparaten. Werken met je handen met een digitale twist. Dat is toekomst en dat voelt goed.

Linda Commandeur sloot de rij van gastsprekers af. Zij heeft de ideeënwerkplaats BS22 in Groenlo opgericht. Vandaar uit inspireert ze bewoners om vooral hun dromen en plannen waar te maken. Haar belangrijkste boodschap voor de bewoners van Zutphen was misschien wel dat je moet geloven in je eigen bijdrage, moet durven te experimenteren en gewoon maar moet beginnen. Er komen altijd wel volgers, aldus Commandeur, als je maar passie en energie uitstraalt, zo werkt dat immers. En haar afsluiter vond ik wel mooi: “Zutphen denk na welke plannen jullie het meest waarderen, ga daar werk van maken, opdat jullie in 2025 een gelukkige stad zijn”. En daarmee is de cirkel rond. Zutphen wordt nu al vaak bestempeld als een spirituele stad. En voor sommigen is spiritualiteit misschien een te zweverig woord, maar uiteindelijk willen we allemaal een ding en dat is gelukkig zijn. Zutphen is een groot geheim, verrukkelijk slecht bereikbaar en stiekum willen een aantal van ons dat misschien ook wel een beetje zo houden. Zutphen is aan zet.

 

 




Er zijn nog geen reacties
Is Zutphen het best bewaarde geheim van Nederland?
20 september 2013

 

Deze week organiseerde de gemeente Zutphen een talkshow over de toekomst van de stad met op het netvlies het jaar 2025. Met gerenommeerde sprekers op het podium, o.a. Gerard Marlet (Atlas van Nederlandse gemeenten) maar ook lokale sprekers met spraakmakende initiatieven die naar meer smaakten. Zo verkondigde de directeur van het Internationaal Cello Festival dat Zutphen het best bewaarde geheim van Nederland is.

De boodschap van Marlet was eenduidig: De kracht van Zutphen is de kleine schaal, het stedelijke karakter en de omringende landschappelijke kwaliteit. Wees je van die kracht bewust. Maar ook: de IJssel is een barrière voor de rest van het land en het economisch tij belooft niet veel goeds voor Oost Nederland. Versterk dus je binnenstad, stimuleer een gevarieerde detailhandel en bezuinig bovenal niet op cultuur. Met andere woorden, zorg dat je kwaliteit levert en als stad iets bijzonders hebt te bieden.

 

Infomarkt rondom talkshow Zutphen 2025 

Op het podium werd ook Harm Wesselink genood. Hij is directeur van het Internationaal Cello Festival, een van de paradepaardjes van de stad. Het Cello Festival is ontstaan uit het specifieke DNA van de stad en de aard en de performance van het festival is zodanig dat de rest van Nederland (en de wereld) er steeds iets meer nieuwsgierig naar begint te worden.

Wesselink benoemde feitelijk in een adem de bouwstenen van de stad: Gastvrijheid, stilte en mystiek. Voor hem tevens de ingrediënten waaruit het festival is opgebouwd en waardoor juist ook het cello festival in Zutphen blijvend een plek kon veroveren. “Zutphen is het best bewaarde geheim van Nederland”: zijn verhaal ging zo snel, het was mij niet duidelijk of hij een eigen quote plaatste of citeerde.

Het is een bewering met een bijzondere lading en refereert enerzijds aan het bijzondere karakter van Zutphen maar zegt anderzijds ook dat de stad heel wat in haar mars heeft en dat zulks alleen bij insiders bekend is. In aanvulling op Wesselink: de stad staat bol van schoonheid, zowel de gebouwde omgeving als de natuur, nodigt uit door haar gastvrijheid, bezit een stilte die bijna voelbaar aanwezig is en is doordrongen van eeuwenoude en hedendaagse mystiek.

 

Voorproefje Cellofestival tijdens Zutphen Loungt, juni 2013 


Zutphen heeft altijd een eigen koers gevaren als het op vrij denken aan komt. Er worden vele godsdiensten beleden, maar het verdraagt elkaar goed. De moderne devotie schoot er wortel (as Zutphen Deventer Zwolle) en de antroposofen vonden er een belangrijke thuishaven. Terwijl in de rest van Nederland biologische winkels nog met een vergrootglas moesten worden gezocht, verscheen in Zutphen de een na de andere biologische winkel in het straatbeeld. Evenwicht met de natuur werd in Zutphen al veel langer dan in andere steden van Nederland nagestreefd. De hang naar kennis is altijd groot geweest. Een van de oudste bibliotheken in Europa heeft zijn oorsprong in Zutphen (de Librije) en de stad is al opeenvolgende generaties lang de zetel van de rechterlijke macht. Al deze ingrediënten geven een beeld van een stad die weet wat ze wil en een koers vaart die lang niet altijd parallel loopt met de directe omgeving, maar ook niet met de rest van het land.

Dat Wesselink met het Cellofestival een gouden kans heeft Zutphen onderscheidend, positief en daarmee goed op de kaart te zetten, moge duidelijk zijn. Het festival ademt de sfeer van Zutphen uit: Schoonheid, gastvrijheid, rust en verheven hemelse muziek tegen een historisch grootstedelijk decor dat zo uit de Gouden Eeuw naar de eenentwintigste eeuw is overgelopen.

Een stad op de kaart zetten moet je overigen ook samen doen. Wat dat betreft mogen ook het Chocoladefestival en het Nationale Bokbierfestival zeker niet onvernoemd blijven. Ook deze festivals zijn voortgekomen uit initiatieven van bewoners en ondernemers en zijn inmiddels landelijk bekend. Ze hebben een ding gemeen, ze raken bij de bezoekers een snaar en nodigen uit de stad in een iets rustiger weekend opnieuw te bezoeken om de stilte en schoonheid van Zutphen optimaal te bevatten.

 

Zicht op Zutphen 

Als ik in andere delen van het land het woord Zutphen laat vallen, beginnen ogen te glimmen. Opvallend is de herkenning. Men is er al een keertje geweest en de kennismaking is goed bevallen. Woorden als rust, slenteren, prachtige binnenstad, gastvrijheid, fietsen en leuke winkeltjes worden genoemd en opvallend, velen weten ook het klassieke en mystieke karakter van Zutphen te duiden. Feitelijk kun je niet anders concluderen dan dat Zutphen goed op weg is zich onderscheidend te profileren. Als Zutphen dan ook nog de woorden van Marlet ter harte wil nemen, moet het met Zutphen, ondanks recessie en krimp, wel goed komen.

 




Er zijn nog geen reacties
De blauw-rode long van Düsseldorf, ontmoetingsruimte bij uitstek
25 augustus 2013

 

Onlangs was ik weer even in Düsseldorf. Opnieuw was ik onder de indruk van de belangrijke rol die de boulevard langs de Rijn in het openbare leven speelt. Volledig autovrij, bestaande uit een boven en een onderpromenade, een fiks aantal terrasjes en heel veel ruimte voor slenteraars, renners en skaters. Kortom het zindert van leven langs het Düsseldorfse waterfront en dat over een lengte van meer dan twee kilometer. Stiekem vergelijk ik dan de situatie ook met een aantal steden in Oost Nederland, waar ik bijna dagelijks kom en waar ik de gerichtheid op het water soms wel heel erg mis.

Het huidige waterfront is Düsseldorf is een situatie waar menige rivierstad van droomt maar waarvan ook menig stadsbestuur weet dat zulks alleen kan worden gerealiseerd door grootschalige infrastructurele en stedenbouwkundige ingrepen te plegen. Maar daarvoor ontbreekt het vaak aan visie en/of politieke moed en sinds de recente crisis ook nog aan geld. Vergelijk in deze Arnhem, gelegen aan de Rijn, waar vele plannen zijn gemaakt om de binnenstad weer terug te brengen naar de rivier, maar waar ideevorming steeds opnieuw door de werkelijkheid werd ingehaald.

 

Waterfront noordelijke binnenstad, bovenpromenade

Met de opkomst van het gemotoriseerde verkeer werden rivierkades wegen en werd het waterfront steeds minder een verblijfsplek. Inmiddels zijn de meeste binnensteden grotendeels autoluw gemaakt en speelt de verkeersader langs het water vaak een essentiële rol in de aan en afvoer van verkeer naar (een deel van) de binnenstad. Dit is o.a. de situatie in Deventer en Zutphen, beiden prachtig gelegen aan de IJssel, maar waar het waterfront feitelijk geen ontmoetingsplek van betekenis is doordat het water nog steeds door een rijweg van de binnenstad is afgesneden. De situatie in Nijmegen daarentegen is verwachtingsvol. Daar heeft de horeca al een plek veroverd langs het water en zijn de parkeerplekken langs de Waalkade sinds een klein jaar opgeheven. Het ziet er naar uit dat het ambitieuze programma rondom de Waalsprong de binnenstad nog veel meer dan voorheen naar het waterfront gaat trekken en de kade onderdeel gaan worden van een levendig binnenstedelijk verblijfsklimaat.

Terug naar de situatie in Düsseldorf. In de jaren 90 heeft het gemeentebestuur aldaar besloten tot het aanleggen van de Rheinuffertunnel. Het gemotoriseerde verkeer langs de Rijnkade werd volledig ondertunneld. Een fikse stedenbouwkundige ingreep, maar het gaf deze door de tweede wereldoorlog gemankeerde binnenstad ongelofelijk veel nieuw elan en bovenal een relaxed en bruisend stadshart langs het water, simpelweg doordat de kades en de daarop aansluitende pleinen aan voetgangers en de verpozende mens werd teruggegeven.

 

Rivierfront, zuidelijke binnenstad in de namiddag

Een succesvolle openbare ruimte wordt gekenmerkt door multifunctionaliteit, toegankelijkheid, identiteit en veiligheid. Al deze punten zijn op de boulevard van Düsseldorf geborgd. Door de lengte van de boulevard zijn verschillende verblijfsruimten ontstaan die om de paar honderd meter geleidelijk van kleur verschieten. Als rode verbindende draad door als deze gebieden loopt een aaneengesloten en volledig door platanen omzoomd wandelpad. Daarom heen is ruimte voor sporten (skaten, running), terrassen (stedelijk vertier, zakelijke ontmoetingen, toerisme) en hang- en picknick zones. Daarnaast biedt de combinatie van boulevard en aanpalende pleinen ruimte voor grootschalige events.

In de noordelijke binnenstad van Düsseldorf is de boulevard de verblijfsplek van de stadsbohemien. Een aantal 24-uurs winkeltjes en mobiele drankstandjes in de directe nabijheid bieden toegang tot gekoelde en betaalbare drankjes. Tussen de verpozende groepjes mensen scharrelen inzamelaars rond, die discreet afwachten tot de laatste slok is genuttigd en stilzwijgend of hooguit met een klein knikje een leeg blikje of flesje in ontvangst nemen. Dit systeem werkt fantastisch. Het is een kwestie van gunnen en gegund worden.

 

Handelshafen in de vroege ochtend 

Iets meer zuidwaarts, ten hoogte van de oude binnenstad is het domein van de gemiddelden. Hier zit op de benedenboulevard de doorgewinterde terrasganger zij aan zij met de toerist en het winkelend publiek dat eveneens graag een drankje wil nuttigen aan het water. Het is het terrasvertier dat je in vele badplaatsen indringend ervaart: overvolle terrassen, een kakofonie van stemmen en geluiden, menukaarten met foto’s, veel bier en wijn en uiteraard uitzicht op het water. Op de bovenboulevard valt de stilte en het groen des te meer op Hier wordt gerend, geslenterd en worden potjes jeu de boules onder de platanen gespeeld. Voor elk wel wat wils.

In de zuidelijke binnenstad is de boulevard ter hoogte van de Rheinkniebrücke een interessant maar rommelig overgangsgebied. Onder de overspanning van de brug is een verblijfsgebied ontstaan dat een associatie oproept met Berlijn Alexanderplatz, enerzijds door de bouwperiode van de omringende gebouwen en de hoogte van de brug,  maar wellicht ook wel door de Rheinturm (televisietoren) welke een eindje verderop staat. Hier eindigde een aantal jaren geleden de promenade en de naoorlogse binnenstad. Maar het pad omzoomd door platanen is inmiddels om de bebouwing heen doorgetrokken. De voetganger wordt uitgenodigd zijn weg te vervolgen. Feitelijk splitst de boulevard zich op dit punt in twee armen op.

 

Promenade ter hoogte van de Rheinkniebrücke

De meest westelijke arm blijft de Rijnoever volgen, alwaar de boulevard na een paar honderd meter eindigt op een landtong. De zuidwestelijke arm brengt de wandelaar via de platanenroute naar de ‘Docklands’ van Düsseldorf, naar de voormalige Handelshafen. Hier zijn tussen de opgeknapte pakhuizen, nieuwe kantoorpanden met een stevige design-knipoog verschenen. Ook hier vele terrasjes om te verpozen en voor in de avond hippe uitgaansgelegenheden. Overdag is dit gebied vooral de habitat van het twee-delig pak en jonge mensen met geld en/of hang naar een beetje bling bling. Hier is het zien en gezien worden dat de boventoon voert.

Eén boulevard, vele verschillende gebruikers en door de omvang en het volledig autovrij zijn van het gebied een geweldige plek om te verblijven en te ontspannen. Er wordt vaak gesproken over de groene longen van de stad, dit is ook zo’n long, maar dan blauw-rood van kleur. Op een plek als deze kun je je gemakkelijk voorstellen, hoe fijn het zou zijn te leven in een volledig auto vrije maar grootstedelijke stad.

Deze blog is op 2 september ook geplaatst op de site van de GSRO




Er zijn nog geen reacties